Beste natuurvriend,
Wat zou dat maken, mocht koning winter een plotse stroomstoot geven, en alles -wat in winterslaap is- zou doen herleven?
Te gek voor woorden!
Volgens de normale cyclus gaat dat niet op. Het zou (eerlijk waar) beangstigend zijn, mocht daar verandering in komen... Denk ik?
Het zou betekenen dat we nergens nog vat op hebben, wanneer de natuur nu 's alles omdraait: zij heerst en wij beschikken.
Alle gekheid op een stokje, beste mens, het loopt vast niet zo'n vaart, al neigt het soms in die richting,...er zijn wel delen in de wereld die het voorhebben, alsof de natuur de controle over zichzelf kwijt is geraakt.
Gelukkig gebeurt het nog steeds elders, nooit hier. Maar jammer genoeg gebeurt het steeds vaker.
We kunnen trachten hier te leven in het nu, vanuit de centrale gedachte ons sterk te maken, in onze beste momenten, en dat is vandaag...
Ga maar zacht de winter in, je hoeft nergens bang voor te zijn, als je je voorraadje hebt aangelegd.
Met fijne groeten,
:0) Veerle Loriaux
woensdag 15 september 2010
zondag 12 september 2010
Parochieveld wandelroute (8,5km)
Beste natuurvriend,
Parochieveld laat zijn verleden herleven langs de gemeentebossen. Ze kwamen -na de Franse revolutie- in handen van de gemeente, en roepen bij heel wat oude Ruiseledenaren mooie herinneringen op over een onbezonnen tijd: na schooltijd of tijdens de vakantie kwam de jeugd hier zwemmen...
Maar laten we op de zaken niet vooruitlopen ( misschien zeg ik beter: achteruit), en ons naar de startplaats begeven. We verzamelen aan de St.-Caroluskerk (Doomkerke) en zoeken de huisnummers 42-44 op. Daar tussenin loopt een smalle macadamweg, die ons uitgeleide doet naar bos en groen.
" -Privaat terrein- "
We weten wat dat betekent en houden ons aan de gedragsregels.
Het pad ligt bezaaid met eikels, paddestoelen in alle vormen en kleuren, drassige stroken, en die sterk doordringende geur van turf... Het zonlicht priemt door de bomen en doet ons heel veel goed.
De Krommekeerstraat dwarsen we, waarna we het natuurreservaat 'de Vorte Bossen' aandoen.
De bossen worden deels voor het publiek opengesteld, deels enkel via geleide wandelingen. Dat wordt meteen duidelijk bij het lezen van de bordjes, die aangebracht werden door Natuurpunt.
Het natuurreservaat (50ha) ligt op de grens van de Vlaamse Zandrug. Noordwaarts treft men een typisch landschap uit het vroegere Bulskampveld, terwijl zuidwaarts heel intensief aan landbouw wordt gedaan.
Intussen wordt de bodem duidelijk natter, en een stukje worden we omgeleid naar een droger gedeelte.
We ruilen de Vorte Bossen voor de gemeentebossen Parochieveld. Aan de ingang, links van het wandelsluisje, staat een bord met interne reglementen voor de bezoeker. Een 16-tal artikels waar de recreant ogenschijnlijk niks aan heeft, maar bij nader inzien is het misschien wenselijk er even aandacht aan te schenken... Door het bos loopt een weg, die we oversteken. Het 2de deel van het bos klimmen we op naar de grens met Oost-Vlaanderen. Bij het plaatselijk dialect, dat door de 2 provincies loopt, krijg ik wat heimwee naar mijn geboortegrond...
Aan het einde van het bos steken we voorzichtig de drukke (!) Maria-Aalterstraat over en stappen rechtdoor een aardeweg tussen het (18de-eeuwse) veldkapelletje en het kerkhof in. Het kerkhof ligt er verlaten bij en dat vind ik (persoonlijk) jammer. Het behoort tot de Gemeenschapsinstelling voor Bijzondere jeugdbijstand en diende tot 1971 als begraafplaats voor kostgangers en personeelsleden. Ik ga niet gauw naar graven kijken, maar deed toch de moeite. Op de oudste grafzerk las ik het volgend opschrift:
Guillaine Poll.
Premier directeur des Écoles de Reforme de Ruyslede et de Bernem.
Né à Maestricht, le 25 août 1813.
Décédé à Ruyslede, le 20 octobre 1867.
Toegegeven, ik heb een dergelijk grafzerk nog nooit eerder gezien.
We verlaten de geschiedenis, steken de Vagevuurstraat over, houden rechts aan en buigen af naar de Predikherenstraat. Aan het kiezelpad met verbodsbord 'Militair domein/ Verboden toegang' slaan we af. De soldaten zijn opgestapt. Gallowayrunderen trekken nu de wacht op. We kijken uit op het natuurreservaat Gulkeputten, en terwijl stappen we onder een zendmast door. We houden het pad links aan en komen terug op de Predikherenstraat, die we dwarsen.
Even verderop ruilen we de rustige Lammersdam voor de Veldkapellestraat, die ons naar het open Disveld brengt, of 'de Heilige Geesttafel van Ruiselede', dat vroeger aanleunde bij Bulskampveld.
Stilaan komt de St.-Caroluskerk in zicht, maar we genieten nog even van enkele keurig opgezette huisjes, oude hoeves en een mooi onderhouden veldkapelletje, waarna we in alle rust terugkeren naar de kerk van Doomkerke.
Met Doomkerkse groeten,
:0) Veerle Loriaux
Parochieveld laat zijn verleden herleven langs de gemeentebossen. Ze kwamen -na de Franse revolutie- in handen van de gemeente, en roepen bij heel wat oude Ruiseledenaren mooie herinneringen op over een onbezonnen tijd: na schooltijd of tijdens de vakantie kwam de jeugd hier zwemmen...
Maar laten we op de zaken niet vooruitlopen ( misschien zeg ik beter: achteruit), en ons naar de startplaats begeven. We verzamelen aan de St.-Caroluskerk (Doomkerke) en zoeken de huisnummers 42-44 op. Daar tussenin loopt een smalle macadamweg, die ons uitgeleide doet naar bos en groen.
" -Privaat terrein- "
We weten wat dat betekent en houden ons aan de gedragsregels.
Het pad ligt bezaaid met eikels, paddestoelen in alle vormen en kleuren, drassige stroken, en die sterk doordringende geur van turf... Het zonlicht priemt door de bomen en doet ons heel veel goed.
De Krommekeerstraat dwarsen we, waarna we het natuurreservaat 'de Vorte Bossen' aandoen.
De bossen worden deels voor het publiek opengesteld, deels enkel via geleide wandelingen. Dat wordt meteen duidelijk bij het lezen van de bordjes, die aangebracht werden door Natuurpunt.
Het natuurreservaat (50ha) ligt op de grens van de Vlaamse Zandrug. Noordwaarts treft men een typisch landschap uit het vroegere Bulskampveld, terwijl zuidwaarts heel intensief aan landbouw wordt gedaan.
Intussen wordt de bodem duidelijk natter, en een stukje worden we omgeleid naar een droger gedeelte.
We ruilen de Vorte Bossen voor de gemeentebossen Parochieveld. Aan de ingang, links van het wandelsluisje, staat een bord met interne reglementen voor de bezoeker. Een 16-tal artikels waar de recreant ogenschijnlijk niks aan heeft, maar bij nader inzien is het misschien wenselijk er even aandacht aan te schenken... Door het bos loopt een weg, die we oversteken. Het 2de deel van het bos klimmen we op naar de grens met Oost-Vlaanderen. Bij het plaatselijk dialect, dat door de 2 provincies loopt, krijg ik wat heimwee naar mijn geboortegrond...
Aan het einde van het bos steken we voorzichtig de drukke (!) Maria-Aalterstraat over en stappen rechtdoor een aardeweg tussen het (18de-eeuwse) veldkapelletje en het kerkhof in. Het kerkhof ligt er verlaten bij en dat vind ik (persoonlijk) jammer. Het behoort tot de Gemeenschapsinstelling voor Bijzondere jeugdbijstand en diende tot 1971 als begraafplaats voor kostgangers en personeelsleden. Ik ga niet gauw naar graven kijken, maar deed toch de moeite. Op de oudste grafzerk las ik het volgend opschrift:
Guillaine Poll.
Premier directeur des Écoles de Reforme de Ruyslede et de Bernem.
Né à Maestricht, le 25 août 1813.
Décédé à Ruyslede, le 20 octobre 1867.
Toegegeven, ik heb een dergelijk grafzerk nog nooit eerder gezien.
We verlaten de geschiedenis, steken de Vagevuurstraat over, houden rechts aan en buigen af naar de Predikherenstraat. Aan het kiezelpad met verbodsbord 'Militair domein/ Verboden toegang' slaan we af. De soldaten zijn opgestapt. Gallowayrunderen trekken nu de wacht op. We kijken uit op het natuurreservaat Gulkeputten, en terwijl stappen we onder een zendmast door. We houden het pad links aan en komen terug op de Predikherenstraat, die we dwarsen.
Even verderop ruilen we de rustige Lammersdam voor de Veldkapellestraat, die ons naar het open Disveld brengt, of 'de Heilige Geesttafel van Ruiselede', dat vroeger aanleunde bij Bulskampveld.
Stilaan komt de St.-Caroluskerk in zicht, maar we genieten nog even van enkele keurig opgezette huisjes, oude hoeves en een mooi onderhouden veldkapelletje, waarna we in alle rust terugkeren naar de kerk van Doomkerke.
Met Doomkerkse groeten,
:0) Veerle Loriaux
zaterdag 11 september 2010
Aarsele via het fietsnetwerk Leiestreek West
Beste natuurvriend,
traject:
(heenrit) 15 (Izegem)/17/18/13/12/11/52/51/50/48 (Aarsele)
(terugrit) 48 (Aarsele)/ 50/51/52/47/46 (Tielt)/ 24//53/54/23/22/13/15 (Izegem)
totale afstand: 64 km.
De tijd is rijp voor een fietstocht, en de weergoden zijn ons welgezind.
We trekken naar Aarsele, vertrekkend vanuit de thuisbasis Izegem, en we verplaatsen ons richting Ingelmunster. De wegenwerken in Izegem schieten goed op!
We steken de Dorpsbrug in Ingelmunster over, en zoeken het kanaal langs de Leie op. Scherp en zwart steken de snel voortwiekende silhouetten af tegen de blauwe hemel. Het zijn zwarte ganzen, die met veel kabaal overvliegen. Het jaagpad trekt - bij mooi weer- heel wat vissers aan.
Aan knooppunt 18 verlaten we het jaagpad en nemen een korte bocht naar rechts, steken de brug over en even later ook de drukke (!) Oostrozebekestraat.
We staan op grondgebied Meulebeke. De bermen zijn netjes gemaaid en de grachten werden uitgebaggerd. Meulebeke is geen fusiegemeente, en heeft dus geen deelgemeenten. Wel liggen er enkele kleine gehuchten binnen de gemeente, nl.: de Paanders, 't Veld, en Marialoop. We zullen ze alle drie van nabij leren kennen. Hier niets dan groentenvelden. Er hangt een sterke geur van prei in de lucht.
De Weverij(fiets)route loopt kriskras door onze fietsroute.
We rijden het grondgebied Tielt binnen, langs een rustige woonkern.
Tussen Tielt en Aarsele loopt een heel drukke weg, nl. N35, die we voorzichtig dwarsen. In Aarsele brengen we een bezoek aan de St.-Martinuskerk, ver weg van de spijtige nieuwsberichten, waarmee we de laatste dagen/weken/maanden zijn bejaagd, willen we even op adem komen.
Daarna stappen we binnen in 't Dorpshuis, rechtover de kerk, waar we vriendelijk ontvangen worden door de eigenaar van het nette, verzorgde café, met een afgebakend en nieuw aangelegd terras achter het etablissement. Doe geen moeite, je vindt geen revieuws op het Internet. Fietsers, met of zonder picknick, zijn hier welgekomen gasten.
In de nabije toekomst voorziet de eigenaar een doorgang naar het terras langs een smal weggetje. Zo kan men in alle veiligheid zijn fiets achterlaten, en intussen genieten van een drankje. Een bezoekje waard. Wilt u dan zo vriendelijk zijn en de gastheer even mijn groeten overmaken?
Op de terugweg rijden we langs Tielt, en doorkruisen het stadspark, dat er heel netjes bij ligt! Het park loopt uit op het streekbezoekerscentrum Mulle de Terschueren, en is een realisatie in het kader van het Interreg. IIIa-project 'Bezoekerscentra op het Platteland', gecoördineerd door Westtoer.
Onze route loopt verder door de gemeenten Pittem, Ardooie, terug Meulebeke, Emelgem, en Izegem.
Zoveel koeien hebben we gezien langs Vlaamse velden,... maar nergens een melkautomaat. Ik mis een glas melk... Paps troost me straks wel met iets anders: een zak oliebollen, want 't is (nog heel even) kermis in Izegem!
Even vermelden dat
...de kermis in de Pekkersstad zondag a.s. (12 sept.) traditioneel wordt afgesloten met Koekenzondag. Vanaf 21u voorziet het stadsbestuur langs de kanaaloevers een kleurrijk vuurwerk. "Het vuurwerk is het best te zien vanaf de centrale brug en de Zuidkaai. "
- aldus het stadsbestuur van Izegem.
traject:
(heenrit) 15 (Izegem)/17/18/13/12/11/52/51/50/48 (Aarsele)
(terugrit) 48 (Aarsele)/ 50/51/52/47/46 (Tielt)/ 24//53/54/23/22/13/15 (Izegem)
totale afstand: 64 km.
De tijd is rijp voor een fietstocht, en de weergoden zijn ons welgezind.
We trekken naar Aarsele, vertrekkend vanuit de thuisbasis Izegem, en we verplaatsen ons richting Ingelmunster. De wegenwerken in Izegem schieten goed op!
We steken de Dorpsbrug in Ingelmunster over, en zoeken het kanaal langs de Leie op. Scherp en zwart steken de snel voortwiekende silhouetten af tegen de blauwe hemel. Het zijn zwarte ganzen, die met veel kabaal overvliegen. Het jaagpad trekt - bij mooi weer- heel wat vissers aan.
Aan knooppunt 18 verlaten we het jaagpad en nemen een korte bocht naar rechts, steken de brug over en even later ook de drukke (!) Oostrozebekestraat.
We staan op grondgebied Meulebeke. De bermen zijn netjes gemaaid en de grachten werden uitgebaggerd. Meulebeke is geen fusiegemeente, en heeft dus geen deelgemeenten. Wel liggen er enkele kleine gehuchten binnen de gemeente, nl.: de Paanders, 't Veld, en Marialoop. We zullen ze alle drie van nabij leren kennen. Hier niets dan groentenvelden. Er hangt een sterke geur van prei in de lucht.
De Weverij(fiets)route loopt kriskras door onze fietsroute.
We rijden het grondgebied Tielt binnen, langs een rustige woonkern.
Tussen Tielt en Aarsele loopt een heel drukke weg, nl. N35, die we voorzichtig dwarsen. In Aarsele brengen we een bezoek aan de St.-Martinuskerk, ver weg van de spijtige nieuwsberichten, waarmee we de laatste dagen/weken/maanden zijn bejaagd, willen we even op adem komen.
Daarna stappen we binnen in 't Dorpshuis, rechtover de kerk, waar we vriendelijk ontvangen worden door de eigenaar van het nette, verzorgde café, met een afgebakend en nieuw aangelegd terras achter het etablissement. Doe geen moeite, je vindt geen revieuws op het Internet. Fietsers, met of zonder picknick, zijn hier welgekomen gasten.
In de nabije toekomst voorziet de eigenaar een doorgang naar het terras langs een smal weggetje. Zo kan men in alle veiligheid zijn fiets achterlaten, en intussen genieten van een drankje. Een bezoekje waard. Wilt u dan zo vriendelijk zijn en de gastheer even mijn groeten overmaken?
Op de terugweg rijden we langs Tielt, en doorkruisen het stadspark, dat er heel netjes bij ligt! Het park loopt uit op het streekbezoekerscentrum Mulle de Terschueren, en is een realisatie in het kader van het Interreg. IIIa-project 'Bezoekerscentra op het Platteland', gecoördineerd door Westtoer.
Onze route loopt verder door de gemeenten Pittem, Ardooie, terug Meulebeke, Emelgem, en Izegem.
Zoveel koeien hebben we gezien langs Vlaamse velden,... maar nergens een melkautomaat. Ik mis een glas melk... Paps troost me straks wel met iets anders: een zak oliebollen, want 't is (nog heel even) kermis in Izegem!
Even vermelden dat
...de kermis in de Pekkersstad zondag a.s. (12 sept.) traditioneel wordt afgesloten met Koekenzondag. Vanaf 21u voorziet het stadsbestuur langs de kanaaloevers een kleurrijk vuurwerk. "Het vuurwerk is het best te zien vanaf de centrale brug en de Zuidkaai. "
- aldus het stadsbestuur van Izegem.
...je t.e.m. zondag 3 oktober in de Vijfwegenstraat 29 het traditionele expo Kunst op en rond het water kan gaan bezichtigen. Organiserend kunstenaar Johan Herman pakt uit met keramieken en bronzen beelden, en wordt hierbij artistiek ondersteund met schilderijen (Bruno Foeglé-Frankrijk/ Christophe Bautil-België/Lara Francini-Italië), bronzen beelden (Nadine Debay-Italië), keramieken beelden (Gaby Kretz-Frankrijk) en mythologisch werk (Carlo Zoli-Italië). "De toeschouwer kan genieten van beelden op en rond de vijver - met feeëriek verlichte waterpartij- en in het huis." -aldus Johan Herman.
Smakelijke groeten!
:0) Veerle Loriaux
Als bij wonder...
Beste natuurvriend,
Hier volgt een kroniek uit mijn eigen leefwereld. Het heeft in eerste opzicht weinig uitstaans met wandelen en fietsen, maar natuurvriend zijn is iets meer dan dat... Het maakt je opmerkzaam voor wat we vaak te vlug vergeten of te snel aan voorbijgaan. De amateur natuurliefhebber maakt schetsen, de natuurvriend neemt akte van het woord en gaat aan veldwerk doen.
Veel tuin, beste natuurvriend, heeft een mens niet nodig, om 'groene' kennis te vergaren. Wie zich wil verdiepen in de materie, krijgt de taak mee: zich te leren aanpassen naar de gesteltenis van de natuur. Da's veel gemakkelijker gezegd dan gedaan... Dat gaat langs de vier seizoenen: van gedreven, sterk gemotiveerd, tot gevoelig en kwetsbaar, in het verlengde van onze dagelijkse plichten.
Alle wijzen ze ons op onze alertheid, maar ook op onze mildheid.
Pràchtig hoe onze berk zich stilletjes voorbereidt op de nakende wisselvallige weersomstandigheden. Tot haar laatste blad wordt weggerukt zal zij zich verzetten, en dat doet zij nu al: in de oksel van elk blad staat reeds een nieuwe knop.
Hoeveel wijsheid leeft er in het hart van een boom, dat we op ons eigen leven van toepassing zouden kunnen brengen?
Veel tuin heeft een mens eigenlijk niet nodig, er past vast wel een boom in. Niet veel meer dan een voorschoot groot is die tuin van mij, en al kwelde ik mezelf vroeger wel eens... hoéveel te meer geluk sommigen hebben, met een oprijlaan vol statige bomen en een tuin vol bloemen!
Het hart kan zoveel dankbaarheid in zich opnemen, waar het kleinste wonder een plaats mag krijgen... vanbinnen.
Met dankbare groeten,
:0) Veerle Loriaux
Hier volgt een kroniek uit mijn eigen leefwereld. Het heeft in eerste opzicht weinig uitstaans met wandelen en fietsen, maar natuurvriend zijn is iets meer dan dat... Het maakt je opmerkzaam voor wat we vaak te vlug vergeten of te snel aan voorbijgaan. De amateur natuurliefhebber maakt schetsen, de natuurvriend neemt akte van het woord en gaat aan veldwerk doen.
Veel tuin, beste natuurvriend, heeft een mens niet nodig, om 'groene' kennis te vergaren. Wie zich wil verdiepen in de materie, krijgt de taak mee: zich te leren aanpassen naar de gesteltenis van de natuur. Da's veel gemakkelijker gezegd dan gedaan... Dat gaat langs de vier seizoenen: van gedreven, sterk gemotiveerd, tot gevoelig en kwetsbaar, in het verlengde van onze dagelijkse plichten.
Alle wijzen ze ons op onze alertheid, maar ook op onze mildheid.
Pràchtig hoe onze berk zich stilletjes voorbereidt op de nakende wisselvallige weersomstandigheden. Tot haar laatste blad wordt weggerukt zal zij zich verzetten, en dat doet zij nu al: in de oksel van elk blad staat reeds een nieuwe knop.
Hoeveel wijsheid leeft er in het hart van een boom, dat we op ons eigen leven van toepassing zouden kunnen brengen?
Veel tuin heeft een mens eigenlijk niet nodig, er past vast wel een boom in. Niet veel meer dan een voorschoot groot is die tuin van mij, en al kwelde ik mezelf vroeger wel eens... hoéveel te meer geluk sommigen hebben, met een oprijlaan vol statige bomen en een tuin vol bloemen!
Het hart kan zoveel dankbaarheid in zich opnemen, waar het kleinste wonder een plaats mag krijgen... vanbinnen.
Met dankbare groeten,
:0) Veerle Loriaux
zondag 5 september 2010
Het Heuvelland
Beste natuurvriend,
Het Heuvelland blijft ons boeien, met Kemmel voorop.
Het glooiend landschap neemt ons op sleeptouw, en brengt ons naar idyllische plekjes waar je met de wagen niet door mag.
Ook aan haar geschiedenis gaat geen mens voorbij, dat getuigen de bunkers, de soldatenbegraafplaatsen , de bommen en granaten die door landbouwers nog altijd naar de oppervlakte worden geploegd.
Wat we glad vergeten waren, is dat elke "1ste weekend van september" een kermis én rommelmarkt plaats heeft in Kemmel. Nuja, dan tracteren we onszelf maar op een grote zak oliebollen, die we in het Warandepark naar binnen werken. Bij vroegere rommelmarkten namen markkramers een deel van het kasteelpark in om hun koopwaar aan de man te brengen. Om reden van de brandveiligheid mag dat niet meer, dus is het hier heerlijk rustig, met ons tweetjes op een bankje, in de schaduw van een oude eik.
Het provinciedomein Kemmel weet ons altijd weer te verrassen: een bonte vegetatie van (on)kruiden, krachtige jonge loofbomen, en heel veel braambessen !!!
We hebben genoten van elkaars gezelschap, en van het prachtig weer!
Met nagenietende groeten...
:0) Veerle Loriaux
Het Heuvelland blijft ons boeien, met Kemmel voorop.
Het glooiend landschap neemt ons op sleeptouw, en brengt ons naar idyllische plekjes waar je met de wagen niet door mag.
Ook aan haar geschiedenis gaat geen mens voorbij, dat getuigen de bunkers, de soldatenbegraafplaatsen , de bommen en granaten die door landbouwers nog altijd naar de oppervlakte worden geploegd.
Wat we glad vergeten waren, is dat elke "1ste weekend van september" een kermis én rommelmarkt plaats heeft in Kemmel. Nuja, dan tracteren we onszelf maar op een grote zak oliebollen, die we in het Warandepark naar binnen werken. Bij vroegere rommelmarkten namen markkramers een deel van het kasteelpark in om hun koopwaar aan de man te brengen. Om reden van de brandveiligheid mag dat niet meer, dus is het hier heerlijk rustig, met ons tweetjes op een bankje, in de schaduw van een oude eik.
Het provinciedomein Kemmel weet ons altijd weer te verrassen: een bonte vegetatie van (on)kruiden, krachtige jonge loofbomen, en heel veel braambessen !!!
We hebben genoten van elkaars gezelschap, en van het prachtig weer!
Met nagenietende groeten...
:0) Veerle Loriaux
zaterdag 4 september 2010
De kastelen fietsroute (49km)
Beste natuurvriend,
De kastelenroute loodst ons door het Houtland tussen Brugge en Torhout.
Kastelen zijn vandaag als verborgen schatten: het verdedigingskarakter die ze droegen is zo goed als verdwenen, en door de dichte begroeiing van bomen en struiken is het vaak heel moeilijk om nog een kasteel in volle gedaante te zien.
Kastelen en landgoederen vormen de rode draad doorheen onze tocht.
Startplaats: Tillegemkasteel in het provinciedomein Tillegembos te St.-Michiels (Brugge)
Vlak voor de toegangspoort tot het kasteel fietsen we naar rechts en rijden langzaam het domein uit. We laten ons verrassen door riante villa's en buitenverblijven, maar zeer zeker ook door wilde heide, die nu zo mooi de open ruimten in het bos kleurt!
Rond de Lac van Loppem loopt het St.-Maartenspad, dat ons naar het eerstvolgende kasteel Emmaüs brengt (Rolleweg). De ietwat eigenaardige naam heeft het kasteel ontleend aan het feit dat het even ver van de Jeruzalemkerk (Brugge) verwijderd ligt als het bijbels plaatsje Emmaüs van de stad Jeruzalem.
We laten ons nog meer verrassen door boerenvelden, karrenwegen, en met zicht op het leven dat voortdurend inspeelt op de natuur: het boerenleven zelf.
Aan de toegangspoort van Merkemveld herken ik het kapelletje op de linkerzijde. Tijd om in stilte te bidden, te danken, te hopen, te vragen... Vlak voor ons uit loopt een kleine plezanterik zigzaggend over het pad, het was vast een wezeltje? We halen hier fijne herinneringen op aan een vorig bezoek, want hier kruist het Doeveren Wandelpad onze weg.
Een bankje tussen haag en heg nodigt uit om even te pauzeren. Je komt er voorbij in de Hutstraat.
Over de brug in de A17, kiezen we richting Ruddervoorde. Op rechts zien we (als we heel goed kijken!) het kasteel Hoogveld. De Hillestraat bezorgt ons een fraai uitzicht op de St.-Eligiuskerk van Ruddervoorde. Het charmante kasteel 'Pecsteen' rijden we voorbij. Verder in de straat zien we nog lage arbeidershuisjes met identieke rode geverfde gevels, die destijds werden bewoond door de pachters van de kasteelheer.
Ook het kasteel Raepenburgh en Lakenbos genieten onze aandacht.
Net na het overschrijden van de gemeentegrens met Wingene houden we even halt bij 't Kaarsenhof (1910), waar we ons te goed doen aan een stukje warme appeltaart van het huis. We proeven de rust en de stilte...De gastvrouw stelt fietsers in de mogelijkheid om hier te picknicken. (meer info, ook voor een eventueel bezoek aan het kaarsenatelier: http://www.kaarsenhof.be/)
Langs de mooie hoeve 'de Vosseput' (Kalehoekstraat) fietsen we terug naar Ruddervoorde.
In de verte zingt een vink zijn laatste 'Suskewiet' aria's van het seizoen.
Soms passeren we plekjes, die ons herinneren aan een eerder gemaakte tocht, zoals hier nu aan het landhuis 'Baliebrugghe', op de hoek van de Torhoutsestraat met de Cijnsdreef. Dan moeten we aan 't Vrijgeweed zijn !
Wat verderop steken we de brug in de A17 nogmaals over, en staan opnieuw op grondgebied Torhout. Vóór we in Veldegem zijn, moeten we eerst de spoorlijn Brugge-Kortrijk dwarsen, maar ook de drukke (!) Torhoutsesteenweg. We vluchten snel de Rozeboomstraat in en tuimelen in een zalig rustige en landelijke omgeving, waarbij we het kasteeldomein van Litterveld aandoen.
De laatste snede hooi wordt nog eens door elkaar geschud, nieuwe voren worden getrokken voor de aanleg van wintergroenten, die straks worden verwerkt in onze hutsepot. " Dat is stevige boerenkost, man!!! "
Vloethemveld maakt zich klaar voor een nieuw seizoen, en de stedelijke kasteelparken Tudor en Beisbroek te St.-Andries (Brugge) ronden deze tocht af in diepe schoonheid.
Met stille groet,
:0) Veerle Loriaux
De kastelenroute loodst ons door het Houtland tussen Brugge en Torhout.
Kastelen zijn vandaag als verborgen schatten: het verdedigingskarakter die ze droegen is zo goed als verdwenen, en door de dichte begroeiing van bomen en struiken is het vaak heel moeilijk om nog een kasteel in volle gedaante te zien.
Kastelen en landgoederen vormen de rode draad doorheen onze tocht.
Startplaats: Tillegemkasteel in het provinciedomein Tillegembos te St.-Michiels (Brugge)
Vlak voor de toegangspoort tot het kasteel fietsen we naar rechts en rijden langzaam het domein uit. We laten ons verrassen door riante villa's en buitenverblijven, maar zeer zeker ook door wilde heide, die nu zo mooi de open ruimten in het bos kleurt!
Rond de Lac van Loppem loopt het St.-Maartenspad, dat ons naar het eerstvolgende kasteel Emmaüs brengt (Rolleweg). De ietwat eigenaardige naam heeft het kasteel ontleend aan het feit dat het even ver van de Jeruzalemkerk (Brugge) verwijderd ligt als het bijbels plaatsje Emmaüs van de stad Jeruzalem.
We laten ons nog meer verrassen door boerenvelden, karrenwegen, en met zicht op het leven dat voortdurend inspeelt op de natuur: het boerenleven zelf.
Aan de toegangspoort van Merkemveld herken ik het kapelletje op de linkerzijde. Tijd om in stilte te bidden, te danken, te hopen, te vragen... Vlak voor ons uit loopt een kleine plezanterik zigzaggend over het pad, het was vast een wezeltje? We halen hier fijne herinneringen op aan een vorig bezoek, want hier kruist het Doeveren Wandelpad onze weg.
Een bankje tussen haag en heg nodigt uit om even te pauzeren. Je komt er voorbij in de Hutstraat.
Over de brug in de A17, kiezen we richting Ruddervoorde. Op rechts zien we (als we heel goed kijken!) het kasteel Hoogveld. De Hillestraat bezorgt ons een fraai uitzicht op de St.-Eligiuskerk van Ruddervoorde. Het charmante kasteel 'Pecsteen' rijden we voorbij. Verder in de straat zien we nog lage arbeidershuisjes met identieke rode geverfde gevels, die destijds werden bewoond door de pachters van de kasteelheer.
Ook het kasteel Raepenburgh en Lakenbos genieten onze aandacht.
Net na het overschrijden van de gemeentegrens met Wingene houden we even halt bij 't Kaarsenhof (1910), waar we ons te goed doen aan een stukje warme appeltaart van het huis. We proeven de rust en de stilte...De gastvrouw stelt fietsers in de mogelijkheid om hier te picknicken. (meer info, ook voor een eventueel bezoek aan het kaarsenatelier: http://www.kaarsenhof.be/)
Langs de mooie hoeve 'de Vosseput' (Kalehoekstraat) fietsen we terug naar Ruddervoorde.
In de verte zingt een vink zijn laatste 'Suskewiet' aria's van het seizoen.
Soms passeren we plekjes, die ons herinneren aan een eerder gemaakte tocht, zoals hier nu aan het landhuis 'Baliebrugghe', op de hoek van de Torhoutsestraat met de Cijnsdreef. Dan moeten we aan 't Vrijgeweed zijn !
Wat verderop steken we de brug in de A17 nogmaals over, en staan opnieuw op grondgebied Torhout. Vóór we in Veldegem zijn, moeten we eerst de spoorlijn Brugge-Kortrijk dwarsen, maar ook de drukke (!) Torhoutsesteenweg. We vluchten snel de Rozeboomstraat in en tuimelen in een zalig rustige en landelijke omgeving, waarbij we het kasteeldomein van Litterveld aandoen.
De laatste snede hooi wordt nog eens door elkaar geschud, nieuwe voren worden getrokken voor de aanleg van wintergroenten, die straks worden verwerkt in onze hutsepot. " Dat is stevige boerenkost, man!!! "
Vloethemveld maakt zich klaar voor een nieuw seizoen, en de stedelijke kasteelparken Tudor en Beisbroek te St.-Andries (Brugge) ronden deze tocht af in diepe schoonheid.
Met stille groet,
:0) Veerle Loriaux
donderdag 2 september 2010
Natuurlijke begrazing.
Beste natuurvriend,
Het houdt me al enige tijd aan het denken. Misschien u ook?
Nu we wat mobieler zijn geworden, over meer vrije tijd beschikken, over goede routeplanners beschikken, maakt dat we graag in de natuur zijn, weliswaar om volop te genieten van rust en stilte, temidden het harmonieuze landschap dat met de seizoenen telkens weer verandert.
Onze zintuigen hebben vast wel al veel opgemerkt, waaraan we met de wagen doorgaans voorbijrijden...
Wie de natuur wil verkennen, moet zijn vehikel aan de kant zetten!
Naast de vele technische functies, waarvoor zo'n kant ( lees: berm) gebruikt kan worden, is zij een ideale plek om er een picknick te houden... Sinds jà-ren sleutelt men aan de 'bonte' berm, en hoe we die in zijn ecologische eigenheid verder kunnen verrijken.
Een goed ontwikkelde berm heeft een hoog rendement aan planten, bloemen, en kruiden: dat is rijkemanskost voor dieren, die in het wild leven!
Een "ecologisch corridor" dus, verwekt vanuit een zeer gestructureerd bermbeheer, met het oog op het bekomen van bloem- en soortrijke bermen via maaibeheer.
Aan één zaak gaat men ( naar mijn bescheiden mening) voorbij, nl.:
Veel dieren die leven in 't wild voeden zich met grassen, bladeren en vruchten in loofbossen, en bosranden gelegen naast weilanden.
Het staat algemeen vast dat een goed ontwikkelde berm voor deze dieren een delicatesse is. Verhoogt men niet het risico-door het maaien van zo'n berm- dat dieren zich dan te goed gaan doen aan landbouwgewassen?
Dat vraag ik me al een hele tijd af. Misschien u ook?
Zaterdag en zondag spring ik terug op de fiets. Ik rij rustig de zomer uit, met pen en papier, en wat gezelschap zo tussendoor levert altijd een goed gesprek op. Misschien kom ik iemand tegen, die me een beetje kan helpen en uitleg geven waarom wel en niet, zus en zo, waarom en daarom...
Tot dan, dan!
Met vriendelijke groeten,
:0) Veerle Loriaux
Het houdt me al enige tijd aan het denken. Misschien u ook?
Nu we wat mobieler zijn geworden, over meer vrije tijd beschikken, over goede routeplanners beschikken, maakt dat we graag in de natuur zijn, weliswaar om volop te genieten van rust en stilte, temidden het harmonieuze landschap dat met de seizoenen telkens weer verandert.
Onze zintuigen hebben vast wel al veel opgemerkt, waaraan we met de wagen doorgaans voorbijrijden...
Wie de natuur wil verkennen, moet zijn vehikel aan de kant zetten!
Naast de vele technische functies, waarvoor zo'n kant ( lees: berm) gebruikt kan worden, is zij een ideale plek om er een picknick te houden... Sinds jà-ren sleutelt men aan de 'bonte' berm, en hoe we die in zijn ecologische eigenheid verder kunnen verrijken.
Een goed ontwikkelde berm heeft een hoog rendement aan planten, bloemen, en kruiden: dat is rijkemanskost voor dieren, die in het wild leven!
Een "ecologisch corridor" dus, verwekt vanuit een zeer gestructureerd bermbeheer, met het oog op het bekomen van bloem- en soortrijke bermen via maaibeheer.
Aan één zaak gaat men ( naar mijn bescheiden mening) voorbij, nl.:
Veel dieren die leven in 't wild voeden zich met grassen, bladeren en vruchten in loofbossen, en bosranden gelegen naast weilanden.
Het staat algemeen vast dat een goed ontwikkelde berm voor deze dieren een delicatesse is. Verhoogt men niet het risico-door het maaien van zo'n berm- dat dieren zich dan te goed gaan doen aan landbouwgewassen?
Dat vraag ik me al een hele tijd af. Misschien u ook?
Zaterdag en zondag spring ik terug op de fiets. Ik rij rustig de zomer uit, met pen en papier, en wat gezelschap zo tussendoor levert altijd een goed gesprek op. Misschien kom ik iemand tegen, die me een beetje kan helpen en uitleg geven waarom wel en niet, zus en zo, waarom en daarom...
Tot dan, dan!
Met vriendelijke groeten,
:0) Veerle Loriaux
Abonneren op:
Posts (Atom)